1
2 1 I De voortuin is jaarrond aantrekkelijk, vanuit huis én vanaf de straat. 2 I Grote groepen vaste planten, o.a. Saponaria lempergii ’Max Frei’ (zeepkruid), Echinacea purpurea ’Magnus’ (rode zonnehoed) en Aster frikartii ’Mönch’. 3 I Een vrolijk en kleurrijk duo: Helenium autumnale ’Flammendes Kätchen’ en rode zonnehoed. 4 I De voortuin onderhoudt zich grotendeels zelf.
16
3
4
Wil ze nog meer onderhoudsvriendelijke tips verklappen? ”Als je meteen goed begint door planten de juiste plek te geven, zowel wat de standplaats als de grondsoort betreft, ben je al een eind op weg. Dat is in feite een ecologisch principe. Je hoeft dan nauwelijks meer te denken aan water geven of bemesten. Dat doen wij hier dan ook heel weinig.” Henriet studeerde, net als haar man Tjebbe, biologie en werkte vervolgens jarenlang als ecologisch adviseur voor de provincie Noord-Holland en een waterleidingbedrijf. ”Daarvoor volgde ik in het begin opleidingen om de inheemse flora te leren kennen, die ik vaak moest inventariseren. Ook op het gebied van ruimtelijke vormgeving heb ik in de praktijk veel geleerd, door samen te werken met landschapsarchitecten en plannen te maken voor het landelijke gebied. Zo heb ik de kunst van het ontwerpen kunnen afkijken. Twintig jaar geleden begon ik al tuinontwerpen te maken voor vrienden en familie. Dat vind ik zo verschrikkelijk leuk, het ligt zo dicht bij mijn hart.” Haar eigen voortuin is zo’n 5 meter diep, de achtertuin circa 11 meter en ze tuiniert op goede, vruchtbare kleigrond.
Opvallend zijn de strakgesnoeide blokken van Taxus en Fagus, die op meerdere plekken terugkomen. Henriet: ”In de achtertuin heb ik bij wijze van experiment een verticale spiegel geplaatst in het verlengde van de buxusblokken langs het pad. Aan de ene kant daarvan stond al een Fagus die ik als een soort opstaande rechthoek had gesnoeid en voor de symmetrie ben ik aan de andere kant van de spiegel
Vruchtbare klei
G R O E I & B L O E I – j u li – 2 0 1 0
Pagina 1
nu nog een Fagus aan het opkweken en snoeien.” Terwijl de meeste mensen de garage bij hun huis laten vergroten, hebben Henriet en Tjebbe die van hen laten halveren, om zo te kunnen genieten van extra meters tuin. Henriet: ”De garage staat nu vol met tuingereedschap en -benodigdheden. Voor onze auto heb ik aan het begin van de zijtuin een parkeervak van grind gemaakt. Het zicht op de auto wordt weggenomen door de hoge beukenblokken.” ”Toen wij hier acht jaar geleden kwamen wonen stonden er twee enorme coniferen in de voortuin, waardoor het binnenshuis erg donker was. We hebben een kapvergunning aangevraagd en de coniferen zijn verdwenen. De strak gesnoeide beukenblokken en een rondgesnoeide portugese laurier zijn nu de belangrijkste structurele elementen, bovendien beperken ze de inkijk een beetje. Verder heb ik de planten in hoogte naar het midden toe laten oplopen, zodat de border niet alleen vanaf de straat, maar ook vanuit de woonkamer een mooie, evenwichtige aanblik biedt. Vanuit het raam aan de zijkant van het huis heb ik weer mooi zicht op de zijborder en de sierappel. Daar heb ik bewust rekening mee gehouden; ik wil overal - ook in huis - van de tuin kunnen genieten. We hebben ons hier min of meer omringd met natuur. Er komen ook veel vlinders en andere insecten op de tuin af, er huist een egelfamilie in de composthoop achter de garage, en afgelopen week hebben we wel tien verschillende vogelsoorten op bezoek gehad.” Echtgenoot Tjebbe is een groot liefhebber van vogels en vertelt lachend: ”De spiegel in de achtertuin zorgde laatst voor nogal wat verwarring bij een heggenmus. Het was baltstijd en het mannetje wil dan graag imponeren. Maar deze mus zag zijn eigen spiegelbeeld aan voor een concurrent.” Henriet: ”Het gazon in de achtertuin vond ik een beetje te stijfjes, niet natuurlijk genoeg. Daarom heb ik er een cirkel van ruwe smele in geplant. Dat is een inheemse grassoort die het ook in de schaduw doet en die mooi goud kleurt. Vanaf onze eettafel kunnen we er prachtig doorheen kijken naar de rest van de tuin.” Henriet: ”De plantgroepen in de voortuin kleuren als vanzelf mooi bij elkaar. Ik heb ontdekt dat natuurlijk ogende planten vaak in harmoniërende tinten bloeien. En ze ondersteunen elkaar prima. Het enige wat ik moet doen is in mei, als de grond hier en daar nog wat kaal is, het onkruid even goed weghalen. De rest onderhoudt zich zelf. We bemesten ook bijna niet. Tjebbe geeft alleen de kattenstaart in het voorjaar wat biologische mest, anders wordt ‘ie weggeconcurreerd door zijn buren. Ik lever bij een ontwerp ook altijd een handig en overzichtelijk onderhoudsplan. Ik plant bijvoorbeeld nooit bollen of knollen die je elk jaar weer uit de grond moet halen, maar kies liever voor verwilderingsbolletjes. De enige uitzondering daarop is de rode, enkelvoudige dahlia ‘Marie Schnugg’, waar ik verliefd op werd toen ik de door Jacqueline van der Kloet aangelegde Royal Mile in Apeldoorn bezocht. Maar die heb ik niet uitgegraven en vorig jaar stond ‘ie gewoon weer in bloei. Of dat dit jaar, na die strenge winter, weer het geval is, is nog even afwachten.
Tekst: Marieke van Gessel /Fotografie: Martin van Lokven
Omringd door natuur
1
2 1 I Plantvak tussen de taxushaag en het parkeervlak in de zijtuin. 2 I Op de achtergrond de rode aren van Persicaria amplexicaulus ’Speciosa’, daarnaast Eupatorium maculatum ’Atropurpureum’ en bronskleurige venkel. 3 I Een bloem van de Hydrangea macrophylla ’Veitchii’ is een boeket op zich. 4 I Dahlia ’Marie Schnugg’, bezocht door een blauwtje.
G R O E I & B L O E I – j u li – 2 0 1 0
Bijna geen mest
3 4
17
Pagina 1
Scoor meer met een webshop in uw club bladen. Velen gingen u voor en publiceerden PDF-en online.
Groei en Bloei juli 2010